VCB is de competitie begonnen met een verdienstelijk punt op bezoek bij SV Reeshof. De ploeg van trainer Sebastiaan Kuijs hield de Tilburgers op 0-0 en had voor rust zelfs de beste mogelijkheden om de wedstrijd naar zich toe te trekken. Robbie Baeten miste daarbij een strafschop.
Kuijs had SV Reeshof een week eerder aan het werk gezien en besloot zijn strijdplan daarop af te stemmen. Ondanks dat de Tilburgers vooraf als een van de sterke ploegen in de vierde klasse werden gezien, wilde VCB zich niet ingraven.
„Ik had ze vorige week tegen OVV een helft gezien. Iedereen zei dat Reeshof kampioenskandidaat nummer één was, maar na die helft was ik er niet zo kapot van”, aldus Kuijs. „Ik dacht dat wij daartegen echt niet achteruit hoefden te lopen.”
Dat bleek in de eerste helft. VCB zette hoog druk, probeerde het middenveld van SV Reeshof vast te zetten en slaagde erin de thuisploeg ver van het eigen doel te houden. „De eerste helft was voor ons. We konden Reeshof goed naar achteren drukken. Zij werden niet gevaarlijk en wij creëerden wel wat kansen.”
De grootste mogelijkheid kwam na 25 minuten vanaf elf meter. Baeten zag zijn strafschop echter gekeerd worden. Ook uit de rebound wist VCB niet te scoren. „Dat was natuurlijk jammer, want gezien onze eerste helft hadden we onszelf kunnen belonen.”
Na rust veranderde het spelbeeld. SV Reeshof drong VCB verder terug, maar wist vanuit open spel nauwelijks grote kansen te creëren. Het meeste gevaar kwam voort uit spelhervattingen.
In de 82ste minuut moest de VCB-doelman nog wel nadrukkelijk in actie komen. Met een uitstekende redding op een vrije trap voorkwam hij een late achterstand.
VCB hield daarmee de nul en nam een punt mee terug naar Biezenmortel. „Al met al mogen beide teams niet klagen met 0-0”, concludeerde Kuijs. „Als je naar het wedstrijdbeeld kijkt, is dat een terechte uitslag.”
Veel tijd om bij het gelijkspel stil te staan heeft VCB niet. Donderdag wacht alweer de wedstrijd tegen FC Drunen. Kuijs gaat daar met vertrouwen naartoe. „Als we dan weer zo spelen, gaan we daar honderd procent een resultaat halen.”










