METO is de competitie begonnen met een 6-2 nederlaag op bezoek bij Sprundel. De ploeg van trainer Richard van Hooydonk trof direct een versterkte tegenstander die vooral in het eerste halfuur liet zien over veel kwaliteit te beschikken. Toch zag Van Hooydonk ook fases waarin zijn ploeg goed voor de dag kwam.
„Vooraf begin je de competitie natuurlijk liever anders”, aldus Van Hooydonk. „Maar aan de andere kant: je kunt ze maar gehad hebben. We moeten dit snel achter ons laten en niet vergeten dat we met fases zeker goed hebben gespeeld.”
Sprundel begon zoals METO vooraf had verwacht en domineerde het eerste halfuur. Binnen vijf minuten lag de 1-0 al achter de METO-doelman. De bezoekers lieten zich daardoor niet van de wijs brengen en reageerden snel met de gelijkmaker: 1-1.
Na een kwartier nam Sprundel opnieuw de leiding. METO was vervolgens dicht bij wederom een snelle gelijkmaker, maar de inzet eindigde in het zijnet. Dat bleek een belangrijk moment, want in de daaropvolgende aanval sloeg Sprundel aan de andere kant wel toe: 3-1.
Nog voor rust liep de thuisploeg uit naar 4-1. METO gaf zich echter niet gewonnen en zorgde met de 4-2 voor misschien wel het mooiste doelpunt van de eerste helft.
Met die treffer en het geloof dat er nog mogelijkheden lagen, ging METO de kleedkamer in. Van Hooydonk voerde enkele tactische aanpassingen door en zijn ploeg begon met goede moed aan de tweede helft. De gewenste aansluitingstreffer bleef echter uit.
Toen Sprundel de 5-2 maakte, was de wedstrijd in feite beslist. Toch bleef METO strijden. „De inzet en strijd bleven aanwezig. Daardoor wisten we lange tijd te voorkomen dat Sprundel verder uitliep.”
METO moest uiteindelijk erkennen dat Sprundel deze middag een maatje te groot was. In de slotminuut viel ook nog de 6-2, een treffer die volgens Van Hooydonk vooral nog voor de statistieken van belang was.
Ondanks de ruime nederlaag wil de trainer niet te lang bij de uitslag blijven stilstaan. „We moeten eerlijk ons meerdere erkennen in het Sprundel van vandaag. Maar we hebben ook fases gehad waarin we goed hebben gespeeld. Dat moeten we meenemen.”










