Jong Brabant heeft de goede competitiestart geen vervolg kunnen geven. Na de overwinning op SCG’18 verloor de ploeg van trainer Boy van den Bogaard op eigen veld met 1-3 van Wilhelmina’26. Een bijzonder zwakke openingsfase brak de Tilburgers uiteindelijk op.
„Het was zó slap”, was Van den Bogaard duidelijk over de eerste helft. „Zo’n instelling, daar kan ik niet goed tegen. En dat weten ze donders goed.”
Wilhelmina’26 profiteerde optimaal van de matige start van de thuisploeg. Tygo de Jong zette de bezoekers al na acht minuten op 0-1 en sloeg zes minuten later opnieuw toe. Daardoor keek Jong Brabant binnen een kwartier tegen een 0-2 achterstand aan.
Daar bleef het voor rust bij, maar volgens Van den Bogaard mocht zijn ploeg daar niet over klagen. „We waren in de eerste helft geen schim van wat we kunnen.” Mede dankzij enkele goede ingrepen van de doelman bleef verdere schade uit.
In de rust werd stevig besproken wat er misging. Daarbij ging het niet alleen over de instelling, maar ook over de keuzes die Jong Brabant in de opbouw maakte. Van den Bogaard wilde na de hervatting vooral weer een herkenbare ploeg zien.
Die reactie kwam er. Jong Brabant speelde met veel meer overtuiging, won meer duels en wist Wilhelmina’26 terug te dringen. In de 62ste minuut bracht Tim Suos de spanning volledig terug met de 1-2.
„Na rust was het anders”, zag Van den Bogaard. „In die fase hadden we misschien ook de 2-2 kunnen maken.”
Jong Brabant ging nadrukkelijker op zoek naar de gelijkmaker en nam daarbij steeds meer risico. Dat bood Wilhelmina’26 ruimte aan de andere kant. In de 79ste minuut profiteerde Robert Bouman daarvan en maakte met de 1-3 een einde aan de Tilburgse hoop.
Van den Bogaard wilde na afloop vooral lessen trekken uit het verschil tussen beide helften. „Over de hele wedstrijd gezien hebben we terecht verloren. Die eerste helft moet voor ons een leermoment zijn.”
Jong Brabant staat na twee competitiewedstrijden op drie punten. Volgende week wacht opnieuw een stevige opdracht op bezoek bij DSC.










