De competitie-indeling voor het nieuwe seizoen is bekend en promovendus Molenschot weet welke tegenstanders het gaat treffen in de vierde klasse. Trainer Martijn Malinka reageert met gemengde gevoelens op de nieuwe poule en verwacht een zwaar seizoen.
“De eerste reactie is eigenlijk wel balen”, vertelt Malinka. “Hoewel we wisten dat het sowieso een zwaar seizoen zou worden, hebben we het gevoel dat we nu in de moeilijkste poule zitten. Daarnaast missen we de leuke wedstrijden met bekende clubs uit de regio Breda en ook de derby tegen Neerlandia’31.”
“Daar had iedereen binnen Molenschot na de promotie ontzettend naar uitgekeken. Dat soort wedstrijden geven toch iets extra’s aan een seizoen.”
De uiteindelijke samenstelling van de poule kwam dan ook niet helemaal overeen met de verwachtingen. “We hadden natuurlijk gehoopt op wat meer regionale wedstrijden en bekende tegenstanders. Nu treffen we een aantal ploegen die voor ons nieuw zijn, waardoor we eerst moeten ontdekken hoe de krachtsverhoudingen liggen.”
Over de favorieten voor de bovenste plaatsen heeft Malinka wel een aantal namen in gedachten. “Ik denk aan Essche Boys en Boxtel, die vorig seizoen tweede en derde zijn geworden. Daarnaast verwacht ik veel van Reeshof. Zij zijn weliswaar gedegradeerd, maar hebben vorig seizoen toch 27 punten gehaald in de derde klasse. Dat zegt wel iets over de kwaliteit van die ploeg.”
Zelf kijkt de trainer vooral uit naar enkele specifieke ontmoetingen. “De wedstrijden tegen Blauw Wit’81 en Reeshof spreken mij aan, omdat ik de trainers daar ken. Daarnaast vind ik Gloria UC en Viola mooie clubs om tegen te spelen. Verder ken ik de competitiegenoten nog onvoldoende goed.”
Voor Molenschot staat komend seizoen vooral in het teken van handhaving. “Ik verwacht dat het een topprestatie wordt als wij ons weten te handhaven in de vierde klasse. Het wordt een veel moeilijker seizoen, met meer tegenslagen, en het is aan ons hoe we daarmee omgaan.”
“We gaan in ieder geval proberen om iedere week onze huid zo duur mogelijk te verkopen. Als we die instelling tonen, kunnen we kijken waar het ons brengt.”









