Terwijl het nationale elftal van Panama vannacht aan het WK begint met een wedstrijd tegen Ghana, werkt een jonge voetballer uit Roosendaal aan zijn eigen internationale droom. De 18-jarige Luque Casas Diaz loopt momenteel stage bij Panama Onder 20 en hoopt zich in de kijker te spelen voor de WK-kwalificatiewedstrijden van volgende maand. Voor de aanvaller van RBC Roosendaal is het een unieke kans die enkele maanden geleden nog ver weg leek. Vanuit Panama vertelt hij over zijn avontuur, de verschillen met het Nederlandse voetbal en zijn ambities voor de toekomst.
Terwijl veel Nederlandse amateurvoetballers genieten van hun zomerstop, staan de dagen van Luque Casas Diaz volledig in het teken van voetbal. De pas 18-jarige speler van RBC Roosendaal verblijft momenteel in Panama, waar hij stage loopt bij de nationale ploeg Onder 20. Een avontuur dat enkele maanden geleden nog ondenkbaar leek, maar inmiddels zomaar zou kunnen uitmonden in deelname aan de WK-kwalificatiewedstrijden.

Wanneer we Luque spreken klinkt hij ontspannen. Toch straalt hij vooral trots uit wanneer het gesprek begint over zijn huidige avontuur.
“Ik ben Luque Casas Diaz, 18 jaar oud en eigenlijk mijn hele leven al speler van RBC Roosendaal”, vertelt hij. “Vorig seizoen maakte ik op mijn zeventiende mijn debuut in het eerste elftal en komend seizoen maak ik definitief deel uit van de selectie. Naast het voetbal werk ik in het restaurant van mijn ouders. En nu zit ik ineens in Panama voor een stage bij Onder 20.”
Dat laatste klinkt nog steeds een beetje onwerkelijk als hij het uitspreekt. Hoe komt een jongen uit Roosendaal ineens terecht bij de nationale jeugdploeg van Panama?
Luque glimlacht. “Eigenlijk begon het allemaal toen ik afgelopen winter werd doorgeschoven naar het eerste elftal van RBC. Familie van mij in Panama deelde dat bericht op sociale media. Vervolgens werd ik benaderd door verschillende Latijns-Amerikaanse journalisten voor interviews. Daardoor werden beelden van mij verspreid en begon het balletje te rollen. Begin mei kreeg ik ineens de vraag of ik zo snel mogelijk naar Panama kon komen voor een stage.”
Toen dat telefoontje kwam, hoefde hij niet lang na te denken.
“Ik was ontzettend blij en trots. Maar tegelijkertijd wist ik ook dat dit niet vanzelf zou gaan. Vanaf dat moment ben ik extra gaan trainen en heb ik mezelf voorbereid op de omstandigheden hier. Vooral de warmte is iets waar je rekening mee moet houden. Ik wilde er fysiek klaar voor zijn.

Die voorbereiding bleek geen overbodige luxe. Het leven van een speler binnen Panama Onder 20 blijkt behoorlijk intensief.
“We trainen iedere ochtend van zeven uur tot ongeveer half tien. Dat bestaat uit werk in de gym en trainingen op het veld. Daarna ga ik vaak zelf nog even naar de sportschool voor extra oefeningen. Verder draait alles om herstel, rust en voorbereiding op de volgende training. Gelukkig woont er ook familie van mij in Panama, dus daar probeer ik tussendoor tijd mee door te brengen.”
De grote vraag is natuurlijk waarvoor hij precies wordt klaargestoomd. Want deze stage draait niet alleen om ervaring opdoen.
“Nee, zeker niet”, zegt hij. “Volgende maand beginnen de WK-kwalificatiewedstrijden en daarvoor wordt de selectie samengesteld. Er is veel concurrentie, dus ik moet mezelf echt bewijzen.”
Hoe groot hij zijn kansen inschat?
“Dat blijft lastig. Ik denk dat het niveau van Panama Onder 20 ongeveer vergelijkbaar is met het niveau van RBC 1. Er lopen hier veel goede spelers rond en iedereen wil die selectie halen. Ik probeer daarom iedere dag te laten zien wat ik kan.”
Dat hij nadrukkelijk wordt bekeken, merkt hij tijdens iedere training.
“Ze proberen mij op verschillende posities uit. Daarnaast bereiden we ons al voor op mogelijke tegenstanders zoals Canada en Jamaica. Je merkt aan alles dat er serieus naar de selectie wordt gekeken.”
Alleen al de gedachte aan een mogelijke WK-deelname maakt indruk.
“Dat zou echt ongelooflijk zijn. Eigenlijk heb ik daar nauwelijks woorden voor. Het is altijd mijn droom geweest om iets bijzonders te bereiken met voetbal. Maar ik probeer vooral niet te ver vooruit te kijken. Eerst moet ik iedere dag laten zien dat ik erbij hoor.”
Tijdens zijn verblijf merkt hij ook hoe anders het voetbal in Panama is vergeleken met Nederland.
“Hier is het spel veel fysieker. De spelers zijn sterk en vaak heel snel. In Nederland ligt het technische niveau meestal wat hoger. Maar het grootste verschil zit echt in het klimaat. Door de warmte en de luchtvochtigheid ben je na een paar sprints compleet nat. Soms voelt ademen zelfs zwaarder. Dat is iets waar je echt aan moet wennen.”

Toch zijn het niet alleen de voetbaltechnische aspecten die hem bijblijven. Juist de mentale kant van het avontuur maakt indruk.
“De grootste les die ik hier leer, is dat je jezelf moet blijven en je niet te veel moet aantrekken van wat anderen vinden. De jongens hier zijn daar heel duidelijk in. Ze zeggen vaak tegen mij dat ik gewoon mezelf moet zijn en nergens bang voor moet zijn. Dat geeft veel vertrouwen. Die mentaliteit neem ik straks zeker mee terug naar Nederland.”
Ook buiten het veld kijkt hij zijn ogen uit.
“Wat mij echt opviel, is hoe professioneel alles geregeld is. Je hoeft letterlijk alleen je voetbalschoenen mee te nemen. Ontbijt, lunch, diner, kleding, drinken; alles wordt voor je verzorgd. Dat was voor mij wel bijzonder om mee te maken.”
Wanneer het gesprek vervolgens over zijn eigen kwaliteiten gaat, hoeft hij niet lang na te denken.
“Ik speel het liefst als nummer tien. Ik hou ervan om dicht bij het doel te spelen, doelpunten te maken en druk te zetten op tegenstanders. Mijn grootste kwaliteit is denk ik mijn spelinzicht en de manier waarop ik situaties lees.”
Ondertussen wacht na zijn terugkeer een nieuw hoofdstuk bij RBC Roosendaal. De club waar hij opgroeide en waar hij zich inmiddels heeft opgewerkt naar de eerste selectie.
“Daar ben ik ontzettend trots op. RBC voelt voor mij als thuis. Ik speel er al mijn hele leven. Komend seizoen wil ik mezelf verder ontwikkelen en proberen een vaste waarde te worden voor het eerste elftal.”
Wanneer we hem vragen of hij twee jaar geleden had geloofd dat hij nu in deze situatie zou zitten, volgt een eerlijk antwoord.
“Aan de ene kant wel, omdat ik altijd heb gedroomd van spelen voor Panama. Maar aan de andere kant ook weer niet. Panama ligt letterlijk en figuurlijk ver van mijn dagelijkse leven in Nederland. Dat deze kans nu echt gekomen is, had ik misschien niet verwacht.”
Zijn ideale seizoen voor 2026-2027 heeft hij echter al helder voor ogen.
“Dat ik na mijn periode in Panama goed aansluit bij RBC, mezelf blijf ontwikkelen en een vaste waarde word binnen het eerste elftal. En als daar daarnaast een plek bij Panama Onder 20 uit voortkomt, zou dat natuurlijk fantastisch zijn.”
Voorlopig ligt de focus volledig op de komende weken. Iedere training, iedere oefening en ieder moment kan bepalend zijn voor zijn toekomst. En ergens tussen de trainingen in Panama en de voorbereiding op een nieuw seizoen bij RBC leeft een droom die iedere dag een beetje realistischer wordt. Misschien zelfs richting een wereldkampioenschap.










