Jong Brabant heeft in de uitwedstrijd tegen koploper Haarsteeg een knap punt behaald. Het duel eindigde in 0-0, maar gezien het spelbeeld had er voor de bezoekers zelfs meer ingezeten. Trainer Boy van den Bogaard keek met trots terug op het optreden van zijn ploeg. “Vandaag gingen we op bezoek bij koploper Haarsteeg. Zonder onszelf tekort te doen: als promovendus met een fantastische reeks van zes overwinningen op rij speel je tegen een ploeg die vorig jaar de finale om promotie naar de tweede klasse verloor. Dan zou je vooraf misschien tekenen voor een 0-0. En dat is uiteindelijk ook de eindstand geworden.”
Toch was het zeker geen wedstrijd waarin Jong Brabant alleen maar tegenhield. De ploeg speelde compact, georganiseerd en maakte het Haarsteeg bijzonder lastig om in het eigen spel te komen. “Ik moet mijn jongens echt een groot compliment geven voor de manier waarop ze het tactisch hebben opgepakt. We hebben het hen ontzettend moeilijk gemaakt om in hun favoriete spel te komen.” Ondanks het gemis van enkele spelers stond het als team sterk. “Zelfs met het missen van een aantal jongens hebben we het als ploeg fantastisch gedaan en hen het vuur aan de schenen gelegd.”
In de eerste helft kreeg Jong Brabant zelfs de beste kansen. “Ik denk dat wij in de eerste helft zelfs kansen hadden om op 0-1 of misschien wel 0-2 te komen. Een goede mogelijkheid uit een standaardsituatie en een sterke counter die gevaarlijk werd.” Ook na rust bleef de organisatie overeind. Met enkele tactische verschuivingen hield Jong Brabant grip op het duel. “Jurre van Liempd, die na zwaar blessureleed weer minuten kon maken bij het eerste, viel fantastisch in.” Haarsteeg voerde in de laatste twintig minuten wel de druk op, maar echt grote kansen leverde dat niet op. “Dat leidde niet tot hele grote kansen, hooguit een standaardsituatie die wat benarde momenten opleverde.” Sterker nog, via de omschakeling kreeg Jong Brabant zelf nog een grote kans op de 0-1.
De tevredenheid bij Van den Bogaard was groot. “Ik ben trots op mijn ploeg. In defensief opzicht hebben ze zich voor elke bal gegooid en dat ook samen gevierd. Daar geef ik ze echt grote complimenten voor.” Zijn bekende ‘bolletjes’-systeem sprak boekdelen: “We spreken altijd over de bolletjes: zes groene en soms een oranje. Officieel is dit een oranje bolletje. Maar stiekem kleur ik hem toch een beetje groen in. We mogen hier gewoon dik tevreden mee zijn.”











