TSC heeft een belangrijke overwinning geboekt in de uitwedstrijd tegen Prinsenland. Door de 0-2 zege deed de ploeg uitstekende zaken in de strijd tegen degradatie. Trainer Maik van den Kieboom zag zijn ploeg vanaf het begin scherp voor de dag komen. “Eindelijk eens de verdiende punten. Op een matig veld met een harde wind van de zijkant begonnen wij goed aan het duel door heel veel strijd te leveren.”
Die instelling betaalde zich al vroeg uit. “We voetballen voor onze laatste kans en dat hebben ze laten zien,” aldus Van den Kieboom. In de 16e minuut kwam TSC op voorsprong via Damin el Abdellaoui. “Na een goede één-tegen-één actie in de zestien kon hij de bal in de hoek schuiven,” beschreef de trainer de 0-1. TSC bleef in de eerste helft gevaarlijk en creëerde meerdere kansen. “Er wordt nog een bal van de lijn gehaald en we krijgen in totaal acht corners,” vertelde hij. Ook David Israel kreeg een goede mogelijkheid, maar maakte volgens de trainer niet de juiste keuze: “Hij kwam met een goede dribbel, maar verloor het overzicht terwijl we met een man meer stonden rond hun zestien.”
Na rust begon TSC opnieuw sterk. “We begonnen gelukkig ook weer goed en hielden defensief, op één kans na, de ruimtes goed dicht,” aldus Van den Kieboom. De beslissing viel na een uur spelen. “Na een vrije trap in minuut 65 maakt Damin el Abdellaoui na een scrimmage de 0-2.” Daarmee had TSC de wedstrijd in handen.
In de slotfase kreeg de ploeg nog kansen om de score verder uit te breiden. Zo kwam David Israel nog één-op-één met de doelman, maar zonder succes. Daarna lag de focus vooral op verdedigen en het vasthouden van de voorsprong. “Hierna was het vooral tegenhouden en verdedigend werk verrichten.”
De opluchting na afloop was groot bij de trainer. “We zijn eindelijk beloond voor het spel. Vandaag waren we beter, maar dat is dit seizoen al vaker het geval geweest,” zei Van den Kieboom. Met het oog op de komende wedstrijden is de boodschap duidelijk: “We spelen voor onze laatste kansen en dat hebben ze vandaag laten zien. Nu een week rust en daarna de focus op Yerseke.”










