Naam: Jim Smolders
Leeftijd: 28 jaar
Club: SV Reeshof
Positie in het veld: Linksback
Favoriete club: Feyenoord Rotterdam
Idool: In de kantine Mart Hoogkamer, op het veld Quilindschy Hartman
1. Hoe zou je jezelf als speler omschrijven?
Een harde werker die tijdens de wedstrijd alles probeert te geven en het daar ook van moet hebben. Techniek heb ik niet, ik heb twee benen gekregen om op te staan, dus ik moet het echt hebben van mijn duelkracht en doorzettingsvermogen.
2. Wat was je mooiste voetbalmoment tot nu toe?
Dat is de promotie naar de derde klasse. Jaren hikte we tegen dat moment aan, steeds waren er ploegen net iets beter. Een paar jaar geleden viel alles op zijn plek: we werden terechte kampioen in de vierde klasse. Het jaar daarop promoveerden we bijna direct door naar de tweede klasse.
3. Wat is jouw grootste kwaliteit in het veld?
Man opzoeken, met een schaar erlangs en een perfecte voorzet afleveren… nee, alle gekkigheid op een stokje: ik moet het hebben van mijn harde werken, ballen veroveren en de duels ingaan. Daarna snel de bal inleveren bij ploeggenoten die handiger aan de bal zijn. Verder ben ik een echte penaltyspecialist, al wordt de bal me zelden gegund als hij op de stip ligt (knipoog).
4. Tegen welke tegenstander speel je het liefst – en waarom?
Het maakt me eerlijk gezegd niet zoveel uit, maar ik speel liever tegen fysiek sterke buitenspelers. Dan kan ik mooie duels uitvechten. Tegen snelle of handige buitenspelers is het lastiger, maar zoals trainers vaak zeggen: in de eerste minuten even laten voelen dat je er bent. Het begint bij je eigen BV’tje, zou Ronald zeggen.
5. Welke wedstrijd van dit seizoen kijk je het meest naar uit?
De derby tegen Gudok. Dat blijft altijd een bijzondere en beladen wedstrijd, omdat we allebei uit de Reeshof komen. Het is al lang geleden dat we daar uit hebben gewonnen, dus dit jaar wordt het tijd. Wedstrijden tegen Zigo zijn ook altijd leuk en spannend. Dit jaar is de competitie-indeling sowieso mooi: veel ploegen uit de omgeving. Drie jaar geleden moesten we nog vaak naar Dordrecht of Rotterdam-Zuid, waar voetbal toch net wat anders beleefd wordt.
6. Wat kies je: scoren in de laatste minuut of een hattrick in een verloren wedstrijd?
Simpel: scoren én de winnende maken in de laatste minuut. Al is dat wel heel lang geleden.
7. Heb je een vast ritueel of bijgeloof voor een wedstrijd?
Nee, eigenlijk niet. Wel probeer ik tijdens de bespreking of in de kleedkamer een dolletje te maken om de spanning eraf te halen. Zodra we aan de warming-up beginnen en het fluitje klinkt, sta ik er zeker.
8. Welke trainer of speler heeft jou het meest beïnvloed?
Dat is een mix van verschillende trainers. Wenzel (jeugdtrainer en vriend) heeft me echt gekneed, mede door hem haalde ik het eerste elftal. Zijn vader Frans zei altijd al dat ik dat zou halen. Ronald heeft me laten debuteren en liet zien dat spelen in een eerste elftal andere dingen vraagt: zwart-wit, duidelijk en altijd keihard werken. Jurgen was meer een people manager die alle neuzen dezelfde kant op kreeg – en meteen in zijn eerste jaar kampioen werd met Reeshof. Ook Martijn en Victor verdienen credits, zeker de laatste jaren met veel blessureleed en verloop. Toch geven zij ons vertrouwen en benadrukken ze de wilskracht en vriendschap die Reeshof typeren. Dat gevoel dragen zij sterk uit.
9. Messi of Ronaldo?
Ronaldo – qua techniek lijkt hij een beetje op mij (knipoog). Messi is een wereldvoetballer, maar bij hem lijkt alles vanzelf te gaan. Ronaldo laat zien dat je door keihard werken ook de absolute top kunt bereiken.
10. Gras of kunstgras?
Niks boven een goede grasmat – al moet er wel gras op staan. Bij Irene in Den Hout leek het soms meer op de Copacabana.
11. Derde helft in de kantine of direct naar huis?
Lekker in de kantine, met een kannetje Malibu. Soms kruipen we stiekem nog even achter de microfoon samen met Bas Hutten om een nummertje te doen: “O mooie Monica”.
12. Wie is de grootste grappenmaker in jullie kleedkamer?
Als je het aan de anderen vraagt, zouden ze waarschijnlijk mij zeggen. Maar ik kies Mitch Jansen. Hij kan praten als brugman, tapt goeie verhalen en wil soms sparren in de kleedkamer – maar dat legt hij er altijd op af.
13. Als je teamgenoten je een bijnaam zouden geven, welke past dan het best?
Duracell-konijn: batterijen erin en blijven rammen op die linkerflank.
14. Welke muziek moet er in de kleedkamer gedraaid worden om jou op te peppen?
Een mixetapje doet het altijd goed. Even Reverze door de speakers om de sfeer erin te krijgen, maar Dopey op zijn tijd vind ik ook lekker. Eigenlijk vind ik alles goed – als er maar muziek op staat.
15. Als jij één dag profvoetballer mocht zijn: bij welke club zou je spelen?
Dan is 1+1=2: met de tune Hand in Hand, Kameraden het veld oplopen in De Kuip.












Jim Smolders voor mij ook een voorbeeld wat Sv Reeshof is. Buiten speler van het 1ste altijd klaar staan voor iedereen en helpen waar hij kan. Voor vele kinderen een held/voorbeeld. 💙
Sympathieke gast 😇
Leuk interview Jim Smolders 👍
Mooie mees. En een echte club man en een geweldige familie