Op zijn 22e is Pepijn Vrinten inmiddels een vertrouwd gezicht bij WSC uit Waalwijk. De aanvallend ingestelde middenvelder begon ooit als jeugdspeler in de voorhoede en groeide langzaam door naar een centrale rol op het middenveld. “Ik ben begonnen als rechtsbuiten, maar speel de laatste seizoenen vooral op de 10-positie. Daar voel ik me inmiddels het prettigst.”
Naast zijn voetbalcarrière is Pepijn nog volop student. “Ik zit momenteel in het eerste jaar van de opleiding SPECO op Fontys in Tilburg,” vertelt hij. “En buiten school en voetbal om? Dan ben ik graag met vrienden of sta ik op de golfbaan. Golf is voor mij echt een ontspannende tegenhanger van het voetbal.”
Zijn hele voetballeven speelt zich af bij WSC, waar hij ook zijn mooiste én pijnlijkste momenten beleefde. “Mijn hoogtepunt is absoluut die wedstrijd tegen Jeka. In de laatste minuut maakte ik het winnende doelpunt voor WSC 1. Die ontlading, dat vergeet je niet meer.” Toch kende hij ook lastige periodes. “Het seizoen 2023/2024 was lastig. Ik had mijn drive even niet meer. En we degradeerden dat jaar ook nog eens. Alsof dat niet genoeg was, scheurde ik afgelopen seizoen mijn kruisband af. Sinds november lig ik eruit en het herstel duurt nog wel even. Dat was echt een flinke klap.”
Toch kijkt hij positief terug op het afgelopen jaar. “We hebben het met z’n allen toch geflikt: promotie naar de tweede klasse. Daar mogen we trots op zijn. Ik heb helaas maar zes wedstrijden kunnen spelen, maar de groep was fantastisch. Er zit veel potentie in dit team. Ik denk echt dat we daar nog een paar jaar op kunnen bouwen.”
Over het komende seizoen blijft Pepijn realistisch. “We moeten geen gekke verwachtingen hebben. Gewoon ons niveau halen, dan kunnen we zeker meekomen in de tweede klasse. Ik hoop dat ik zelf in de loop van het seizoen weer kan aansluiten. Dat zou al winst zijn.”
Op wedstrijddagen blijft Pepijn rustig. Geen vaste rituelen of bijgeloof. “Ik zie het nut er niet van in. Als je ritueel dan niet lukt, raak je al gestrest. Ik probeer gewoon relaxed te blijven, wat te lachen en beetje in het wedstrijdritme te komen.” Muziek helpt daarbij, maar hij is niet kieskeurig: “Zolang er iets draait in de kleedkamer, ben ik tevreden.”
Voetbalhumor is volgens Pepijn een essentieel onderdeel van de sport. “Laatst na onze promotie was trainer Smally ineens op een tafel in de kantine aan het dansen. Dat soort momenten zijn goud. Dat is het mooie aan voetbal: dat je het met z’n allen kan vieren.”
En wat betreft zijn toekomst? “Natuurlijk heb ik er ooit van gedroomd om hogerop te spelen. En dat zou ik ook nog steeds wel willen, maar eerst wil ik gewoon weer terugkomen op mijn oude niveau. Ik zit nu goed bij WSC en voel me hier op m’n plek. Dat is voor nu het belangrijkste.”






