Twan Havermans is pas 18 jaar, maar heeft in zijn eerste jaar bij de selectie van Moerse Boys al een hoop meegemaakt. De talentvolle aanvaller uit Zundert combineerde zijn vwo-examens op de KSE in Etten-Leur met zijn doorbraak bij de senioren. “Nu ik vakantie heb, doe ik het iets rustiger aan. Een beetje met vrienden afspreken en series kijken,” lacht hij.
“Ik speel al sinds mijn vijfde bij Moerse Boys. Als kind speelde ik vooral als middenvelder, later ben ik doorgeschoven naar de flanken en de spitspositie. In de O15 speelde ik als centrumspits, daarna weer als buitenspeler of middenvelder. Sinds de O17 is het snel gegaan. In mijn tweede O17-jaar schoof ik al door naar de O19 en op 24 maart 2024 maakte ik mijn debuut in het eerste elftal, toen nog in de eerste klasse, tegen TSC.”
Debuut, blessures en vertrouwen
De stap naar het eerste ging met pieken en dalen. “Tijdens de voorbereiding scoorde ik in de beker, maar daarna had ik moeite om mijn niveau vast te houden. Ik speelde wat wedstrijden, maar was vooral bang om fouten te maken. Toen volgde een vervelende liesblessure en later nog een kleine blessure. Maar daarna begon ik me lekkerder te voelen op het veld. In een wedstrijd tegen Roosendaal kreeg ik weer een basisplek en speelde ik goed. Dat gaf vertrouwen.”
Voor Moerse Boys eindigde het seizoen opnieuw in een teleurstelling: een derde degradatie op rij. Toch is Twan realistisch. “Natuurlijk is het balen, maar ik vind het eigenlijk heel knap dat zo’n kleine club als Moerse Boys op dat niveau heeft gespeeld. De vierde divisie was bijzonder. Nu hoop ik dat ik in de derde klasse veel minuten kan maken en mezelf verder kan ontwikkelen.”
Noa Lang als voorbeeld
In zijn speelstijl herkent Havermans zichzelf in PSV’er Noa Lang. “Zijn versnelling, dribbel en manier van spelen spreken me aan. Ik hou er ook van om te zwerven over het veld en met snelheid de ruimtes op te zoeken.” Voor volgend seizoen hoopt hij op een systeem waarin hij uit de verf komt: “Als we 4-3-3 gaan spelen, kan ik als linksbuiten belangrijk zijn met mijn acties.”
Zijn wedstrijddag begint vaak op de fiets. “Ik fiets altijd met mijn goede vriend Sami naar het voetbalveld. We bespreken dan van alles: de vorige wedstrijd, de tegenstander en onze verwachtingen. Sami is een technische buitenspeler van wie ik veel leer.” Over muziek is Twan minder uitgesproken: “Ik ben niet de DJ in de kleedkamer, dus ik hoor alleen wat er gedraaid wordt.”
Vaseline op de verkeerde plek
Lachend denkt hij terug aan een van de grappigste momenten uit zijn eerste seizoen. “Joris had last van een blaar en kreeg het advies van de fysio om vaseline op zijn schoen te doen. Maar hij smeerde het op de buitenkant in plaats van aan de binnenkant. Dat was hilarisch.”
“Ik wil mezelf als speler blijven ontwikkelen en belangrijk worden voor Moerse Boys – niet alleen in goals en assists, maar ook in wat ik voor de club kan betekenen,” zegt Havermans gedreven. “En als er ooit een kans komt om een stap hogerop te maken, zou ik die met beide handen aangrijpen.”












