Bij SC ’t Zand zijn de nodige veranderingen doorgevoerd richting het nieuwe seizoen. De ploeg uit Tilburg degradeerde afgelopen jaar naar de tweede klasse en ziet daarnaast hoofdtrainer Johan Gabriëls vertrekken. Zijn assistent, Pim Fijneman, schuift door en neemt het stokje over. Gabriëls gaf aan dat de combinatie van zijn privéleven, werkzaamheden bij NAC O21, zijn reguliere baan en het trainerschap bij SC ’t Zand fysiek niet langer haalbaar was. Voor Fijneman, die al jarenlang betrokken is bij de club, betekent het een logische vervolgstap in zijn trainersloopbaan.
De competitie-indeling voor het nieuwe seizoen is inmiddels bekend en Fijneman was daar allerminst door verrast. “Natuurlijk lees je hier en daar allerlei voorspellingen, maar deze indeling verrast me totaal niet. Ik had zelf al zitten puzzelen en kwam eigenlijk precies op deze clubs uit,” zegt hij met een glimlach. De indeling stemt hem bovendien positief. “Ik ben er eerlijk gezegd heel blij mee. Er zitten veel ploegen bij uit de buurt, wat het voor de club en supporters aantrekkelijker maakt. Tegelijkertijd zijn er ook een paar verenigingen waar ik nog nooit ben geweest, en dat maakt het altijd leuk. Daarnaast ken ik ook veel van de trainers persoonlijk, wat het extra bijzonder maakt.”
Over favorieten wil Fijneman zich nog niet vastleggen. Hij ziet vooral veel gelijkwaardigheid in de competitie. “Ik zie niet echt een uitgesproken favoriet. Cluzona zit er al een paar jaar dicht tegenaan en heeft een sterke selectie. Nieuwkuijk en Zwaluwe hebben het vorig jaar goed gedaan in de westelijke competitie en ook ploegen als Jeka, Roosendaal en VOAB mag je nooit uitsluiten. Ik denk dat het zo’n seizoen wordt waarin iedereen van elkaar kan winnen.”
Ondanks de degradatie is de ambitie binnen SC ’t Zand nog altijd voelbaar. “We zijn na tien jaar terug in de tweede klasse. De selectie is op een aantal punten gewijzigd en we hebben nu een jonge, maar vooral ambitieuze groep. Als we mee kunnen draaien in de top vier, denk ik dat we een mooi seizoen draaien,” besluit Fijneman.












