Daan van Houtert is 21 jaar en geboren en getogen in Tilburg. Inmiddels woont hij op kamers in de stad, samen met vijf andere studenten. “Dat is hartstikke gezellig, en het studentenleven hoort er nu eenmaal bij.” Naast zijn sociale leven is hij druk met zijn studie Economie en Bedrijfseconomie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. “Die combinatie met voetbal is soms echt schakelen, maar het houdt me juist scherp.”
Voetbal is voor Van Houtert altijd een rode draad in zijn leven geweest. “Ik ben begonnen bij R.K.S.V Were-Di. Daar heb ik de jeugd volledig doorlopen en uiteindelijk het eerste elftal gehaald.” Toch koos hij er vorig seizoen voor om een stap te zetten: van de vertrouwde vijfde klasse naar het onbekende terrein van de tweede klasse, bij SVSSS. “Het voelde als een grote stap,” geeft hij toe. “Zowel sportief als sociaal gezien. Je laat toch je vertrouwde omgeving achter je.”
Die overstap betekende ook een hoger niveau en meer concurrentie. “In het begin was het aanpoten. Op zondag speelde ik weinig, dat was niet altijd leuk. Maar ik ben blijven trainen, blijven doorzetten. En uiteindelijk verdiende ik mijn basisplaats. Dat voelde goed, alsof het harde werken beloond werd.”
Over zijn positie op het veld is hij duidelijk: “Ik ben een centrale verdediger, punt. Op de backpositie red ik me ook wel, zolang ik maar in die verdedigende lijn blijf. Bij Were-Di speelde ik nog wel eens op zes, daar heb ik veel van geleerd, maar op dit niveau zie ik mezelf dat niet doen.”
Zijn voetbalverhaal kent ook een paar sportieve dieptepunten. “Mijn degradatieseizoen met Were-Di was echt zwaar. We wonnen dat jaar misschien drie of vier wedstrijden… dat hakt erin.” Toch was de sfeer buiten het veld vaak nog prima. “Were-Di is een warme club. Ook als het sportief slecht ging, bleef het gezellig. En als ik nu terugkom, voelt het nog steeds alsof ik nooit ben weggeweest.”
Ook bij SVSSS voelt hij zich welkom. “Vanaf het eerste moment werden Jan Kooij en ik opgenomen in de groep. De staf, de spelers, zelfs de supporters wilden ons leren kennen. Dat gaf een goed gevoel.” Bovendien ziet hij het verschil in beleving: “De club leeft echt in het dorp. Je merkt aan alles dat SVSSS onderdeel is van de gemeenschap.”
Hoewel hij geen specifiek voorbeeld heeft als speler, kijkt Van Houtert wel goed om zich heen. “Ik probeer altijd te leren van anderen. Zeker in mijn eerste jaar bij SVSSS heb ik veel opgepikt van teamgenoten.”
Op de vraag naar rituelen voor een wedstrijd moet hij lachen: “Nee, niet echt. Al kan ik soms wel wat bijgelovig zijn. Als ik een goede wedstrijd speelde en ik had daarvoor m’n sokken op een bepaalde manier aangetrokken, dan doe ik dat de week erna weer. Totdat ik me besef dat ik mezelf gek maak, haha.”
Voor de wedstrijd moet er muziek zijn, en dan het liefst house. “Een lekkere house-plaat doet het altijd goed. Gelukkig zitten de andere jongens daar ook wel op.”
Wat hem bijblijft uit het voetbal zijn de kleine momenten. “De ervaren jongens weten altijd wel een goede grap te maken. En gelukkig sta ik meestal aan de goede kant van die grappen. We lachen veel.”
Over het afgelopen seizoen is hij tevreden. “We hebben als team onze doelstelling behaald en ik persoonlijk ook. Dat voelt goed. Nu hoop ik dat we die lijn kunnen doortrekken en misschien zelfs wat hoger kunnen eindigen. We hebben er in ieder geval de kwaliteiten voor.”
Zijn ambities zijn duidelijk én bescheiden. “Ik heb het enorm naar m’n zin bij SVSSS. Het zou mooi zijn om hier nog een paar jaar door te voetballen. Misschien ooit nog een jaartje Were-Di en wie weet eindig ik wel bij FC Tilburg Zaterdag 5, gewoon met vrienden. Dat lijkt me een prima laatste hoofdstuk.”






