Oosterhout heeft de thuiswedstrijd tegen ZIGO in de slotfase op pijnlijke wijze verloren. In een duel met wisselende kansen trok ZIGO uiteindelijk aan het langste eind door een late treffer in blessuretijd, waardoor Oosterhout met lege handen bleef staan.
De wedstrijd begon voor de ploeg van Dennis de Bruijn met een domper. ZIGO kwam al in de vierde minuut op voorsprong dankzij een doelpunt van Dave Hoezen. Toch had het allemaal anders kunnen lopen, want al in de derde minuut kreeg Oosterhout een grote kans om zelf de score te openen. “In de vierde minuut krijgt Danny Hoefnagels een grote kans om ons op voorsprong te zetten. Een minuut later ligt de bal echter in ons net,” aldus trainer Dennis de Bruijn, die de eerste helft kritisch analyseerde. “Ik miste het gif in de duelkracht en de strijd om de tweede ballen.”
Na de vroege achterstand wisten beide ploegen weinig grote kansen te creëren, waardoor de ruststand 0-1 bleef in het voordeel van de bezoekers. Na rust kwam Oosterhout echter sterker uit de kleedkamer en nam het initiatief over. Het sterke spel werd beloond in de 66e minuut, toen Omar Alzoubi de gelijkmaker binnenschoot.
Lang kon Oosterhout echter niet van de gelijke stand genieten. Vijf minuten later heroverde ZIGO de leiding via Marco de Liefde. Toch gaf Oosterhout zich niet gewonnen en bleef het aandringen. Dat werd in de 75e minuut beloond met een nieuwe gelijkmaker, al kwam deze tot stand door een ongelukkig eigen doelpunt van ZIGO.
Met de stand op 2-2 rook Oosterhout zelfs aan de overwinning. “Na die gelijkmaker zag je maar één ploeg die voor de winst ging,” vertelde De Bruijn. Maar juist in de blessuretijd sloeg het noodlot toe. Dave Hoezen wist met zijn tweede treffer, ditmaal uit een directe vrije trap, de eindstand op 2-3 te bepalen.
“Dat maakt het extra zuur,” aldus De Bruijn. Toch kijkt hij niet alleen negatief terug op de wedstrijd. “Ten opzichte van de heenwedstrijd en ook vorige week tegen TSV Gudok maken we als team een prima ontwikkeling door. Maar we moeten onszelf meer belonen, want het gaat zowel bovenin als onderin nog enorm spannend worden.”









