Het is april en het voetbalseizoen nadert zijn einde. In de meeste competities zijn de kaarten nog lang niet geschud en spelen de meeste ploegen nog ergens om. Met de versterkte degradatie is het in sommige competities al wel duidelijk welke ploegen al zeker zijn van degradatie, niet gek als er van de twaalf teams maar liefst zes degraderen.
Opvallend is het aantal trainers wat in deze fase van de competitie alsnog de wacht wordt aangezegd. In het betaalde voetbal waar veel geld omgaat is dit nog enigszins te begrijpen, maar ook daar vertellen de cijfers dat dit niet altijd zal leiden naar betere resultaten. Is het na het ontslag van de trainers van AZ, Ajax, Heracles, Volendam en Vitesse nou zoveel beter gegaan? Utrecht is waarschijnlijk de enige uitzondering.
Ook in het amateurvoetbal vallen de trainers deze weken als rijpe appelen van de boom. Bij een aantal clubs begint ineens de paniek toe te slaan lijkt het wel, een groot aantal zet hun trainer op non-actief. Teleurstellende resultaten, gebrek aan vertrouwen vanuit de spelersgroep zijn veel gehoorde teksten. Net als de term “in goed onderling overleg”. En hierbij hebben we het dan over trainers van 3e divisie tot en met de 5e klasse, een niveau waar de 3e helft vaak toch echt de belangrijkste helft is.
Iedere club hoopt dat een nieuwe trainer de club weer aan de praat krijgt, maar of hij daarin slaagt is niet te voorspellen. Soms lukt het maar in andere gevallen krijgt ook de meest ervaren trainer het team niet meer op de rails. Waarschijnlijk weet iedere club dat het ontslaan van een trainer een meer of minder beredeneerde gok is. Maar niets doen is op een bepaald moment geen optie meer. De meeste trainers sneuvelen in de onderste helft van de ranglijst. Bij de gedoodverfde degradatiekandidaten gebeurt het minder dan bij clubs die er geen moment rekening mee hadden gehouden dat ze in de degradatiezone terecht zouden kunnen komen. Bij die clubs kan de paniek hard toeslaan.
Maar ook in de bovenste helft van de ranglijst vliegen trainers soms de laan uit. Omdat de resultaten achterblijven bij de verwachtingen. Omdat verloren wordt van een of meer zwakker geachte tegenstanders. Omdat de trainer in conflict raakt met belangrijke spelers. Omdat de club niet verder wil met een trainer ondanks het feit dat er op de resultaten niet veel valt aan te merken.
Bij NEC Nijmegen werd de spelersbus na twee speelrondes opgewacht door boze supporters, ze eisten een verklaring en het ontslag van trainer Rogier Meijer. Er was voor de 2e keer op rij een wedstrijd verloren gegaan en ook het slot van de voorgaande competitie was niet goed. Algemeen directeur Wilco van Schaik reageerde als volgt: “Ook wij zijn teleurgesteld, echter mag iedereen van ons geen emotie of paniek op dit moment verwachten. Iedereen moet nu doen waar hij voor aangesteld is en zijn verantwoordelijkheid pakken en keihard gaan werken om de eerste drie punten te gaan pakken. Dat is het enige dat telt en waar we invloed op hebben.” Het resultaat mag bekend zijn, NEC staat inmiddels op de 5e plaats en speelt op 21 april de finale van de KNVB beker.
Misschien een goed voorbeeld voor de clubs en bestuurders in het amateurvoetbal, vertrouwen houden in de trainer die je waarschijnlijk niet voor niets hebt aangesteld.
Freek Plaisier







